Midden- en bovenbouw

Basisvaardigheden (lezen, schrijven, taal) voor de groepen 3 t/m 8

Ons NTC-onderwijs heeft als doelstelling aan te sluiten bij het onderwijs in Nederland of België, zodat kinderen bij een mogelijke terugkeer zo gemakkelijk en snel mogelijk inpassen in het Nederlandse of Belgische onderwijs.
We richten ons op de kerndoelen zoals deze geformuleerd zijn voor de deelvaardigheden van de Nederlandse taal.

Het onderwijs in de Nederlandse taal is erop gericht dat de leerlingen:
  1. vaardigheden ontwikkelen waarmee ze de Nederlandse taal doelmatig gebruiken in situaties die zich in het dagelijks leven voordoen
  2. kennis en inzicht verwerven over betekenis, gebruik en vorm van
    de taal.
  3. plezier hebben en/of houden in het gebruiken en beschouwen van de taal.
Uitgaande van de verschillende NTC-richtingen komt vooral bij het opstellen van de onderwijsinhoud de complexiteit van ons NTC-onderwijs naar voren: hoe creëren we voldoende taalgebruiksituaties die motiverend voor de leerlingen zijn, terwijl we toch voldoen aan de gestelde doelen. Een gedegen voorbereiding (didactisch, organisatorisch, en wat betreft de keuze van materialen) vinden we noodzakelijk om kwalitatief goed werk te leveren. Een belangrijk uitgangspunt is dat we doublures met het dagonderwijs willen voorkomen. Wij richten ons vooral op die doelstellingen met betrekking tot het taal- en leesonderwijs die in de dagschool niet aan bod komen.
 
Zo moet bij NTC-richting 2, leerlingen, zowel in de onderbouw, middenbouw als in de bovenbouw, veel meer aandacht besteed worden aan woordenschat en mondelinge taalvaardigheid dan bij Richting 1 leerlingen. Begrijpend luisteren moet in het begin van Richting 2 onderwijs een belangrijkere plaats innemen dan in het onderwijs aan Richting 1 leerlingen. Daar zal het spelling- en stelonderwijs weer een belangrijker accent krijgen.

   

De verschillen bij het onderwijsaanbod voor de verschillende NTC-richtingen liggen vooral op het gebied van de leerstofinhoud en ordening van de leerstof. Er is verschil in de accenten die op de verschillende deelgebieden worden gelegd, de volgorde waarin bepaalde leerstof wordt aangeboden en uiteraard het beginniveau van de leerstof.
We onderscheiden spreken en luisteren, lezen, schrijven (stellen), spelling en taalbeschouwing.

De lessen Nederlandse en Belgische cultuur hebben als doel de verbondenheid met de Nederlandse en Belgische cultuur in stand te houden en te versterken, en een succesvolle terugkeer te bevorderen. De lessen cultuur worden gegeven ter ondersteuning van en als aanvulling op de taallessen. Daarom hebben wij vier keer per jaar een CultuurLESochtend, die volledig wordt gewijd aan een bepaald cultuurthema, met name op het gebied van aardrijkskunde en geschiedenis. Twee zaterdagochtenden worden tevens gebruikt voor het afnemen van de CiTO-toetsen.
 

Lesmethode

  • In groep 3 maken we gebruik van de methode Veilig Leren Lezen.
  • In groep 4 t/m 8 werken we met de methode ‘Taal en Spelling op Maat’.


Vanaf groep 4 wordt het lesaanbod aangevuld met de methode Nieuwsbegrip.
Aanvullend op de taalmethode sturen we bij het huiswerk de tekst en opdrachten mee van Nieuwsbegrip. Elke week wordt het filmpje in de klas bekeken. De leerlingen kunnen dit samen met de ouders maken en bespreken. In de opdrachten komt per keer een van de vijf basis leesstrategieën aan bod: voorspellen, ophelderen van onduidelijkheden, samenvatten, vragen stellen, relaties/verwijswoorden.

We zetten extra materiaal in waar nodig, zowel voor de leerlingen die wat extra uitdaging, dan wel ondersteuning nodig hebben. Ook het houden van een mondelinge presentatie en het inleveren van boekverslagen maken deel uit van het lesprogramma. Interessante (oefen)websites worden met ouders gedeeld.


 
Powered by BasisOnline